Login

De oesterkweker die Wall Street hielp opblazen

Michael Osinski was de Amerikaanse superprogrammeur die de software bedacht om subprimehypotheken om te toveren tot toxische effecten. Onrechtstreeks werd hij zo mee de architect van de financiële crisis. We zochten hem op in zijn nieuwe leven - een oesterkwekerij op Long Island, New York, vanwaar hij terugblikt op de wilde jaren in Wall Street. 'Het knaagt nog steeds.'

Michael Osinski staat op met oesters en gaat ermee slapen. Hij eet ze 's morgens als ontbijt en 's avonds als snack voor de televisie. En ook nog tussendoor. 'Ik eet enkele tientallen oesters per dag', zegt hij zonder gêne. De achteloze massaconsumptie van een duur luxeproduct als oesters lijkt wel op het gedrag van een verwaande Wall Street-bankier die zich geen blijf weet met zijn miljoenenbonussen.

Maar Osinski woont op een veilige afstand van de glamour en glitter van Manhattan. Hij ziet er ook helemaal niet uit als een bankier. Op het meest oostelijke punt van de North Fork van Long Island - zo'n 160 kilometer verwijderd van de glazen jungle van Wall Street - staat Osinski te zwoegen in de oceaan. Hij heeft haast, want er is een storm op komst. Hij trekt een van zijn 150 kilogram zware oesterkooien boven water om trots de vrucht van zijn 'strijd met de natuur' te tonen.

Binnen enkele dagen begint hij opnieuw oesters te leveren aan enkele van de beste restaurants in New York: Le Bernardin, The Four Seasons en de Oyster Bar in Grand Central Station behoren tot zijn indrukwekkende klantenlijst. Osinski's Widow's Hole Oyster Company verwacht dit najaar 250.000 tot 275.000 oesters te verkopen. Hij heeft het rijk voor zich alleen. Ooit waren hier in Greenport 30 oesterkwekerijen. Vandaag is Osinski alleen.

Met zijn kromme benen en struise gestalte ziet de 55-jarige Osinski eruit alsof hij al heel zijn leven met een sloep door weer en wind oesterkooien inspecteert. Maar niets is minder waar. Osinski heeft een donker verleden. Enkele maanden geleden besliste hij om met zijn verhaal naar buiten te komen, maar 'het blijft knagen', bekent hij.

Voordat Osinski in 2004 een tweede carrière startte als oesterkweker, maakte hij jarenlang deel uit van het Wall Street-wereldje dat vandaag in New Yorkse restaurants 3 dollar betaalt voor elk van zijn oesters. Als werknemer van diverse zakenbanken verdiende hij jaarbonussen met zes cijfers. In plaats van de sandalen en short die hij vandaag draagt, ging hij in een Versacekostuum van 3.000 dollar naar het werk.

Veredelde secretaresse

Osinski was echter geen trader of bankier. 'Ik stond veel lager op de hiërarchische ladder', vertelt hij terwijl hij in zijn keuken geduldig enkele verse oesters opent met een mes. 'Als softwareprogrammeur was ik een veredelde secretaresse. We stonden net boven de secretaresses, maar ver onder de traders. De traders beschouwden ons als een noodzakelijk kwaad. Ze hadden ons nodig.'

Ondanks zijn bescheiden status bij de bank, verdiende Osinski aardig zijn boterham. Hij voelde zich aanvankelijk zelfs oncomfortabel bij dat gemakkelijke geld. Maar Osinski bleek dan ook een topprogrammeur te zijn die actief was in een lucratieve en snelgroeiende markt: mortgage-backed securities, of het herverpakken van een grote groep hypotheekleningen in verhandelbare effecten.

Na verloop van tijd gebruikten zowat alle grote Wall Street-huizen zijn software voor het creëren van mortgage-backed securities.

Het zijn net deze instrumenten die vandaag een slechte naam hebben en Osinski een knagend geweten bezorgen. Mortgage-backed securities speelden een belangrijke rol in de financiële crisis. Ze hielpen de Amerikaanse leningmachine draaiende houden doordat banken de hypotheken makkelijk konden doorverkopen aan gretige beleggers. Achteraf bleek dat veel van die hypotheken verstrekt waren aan mensen met een minimale kredietwaardigheid. Deze 'subprimes' waren intussen over heel de wereld verspreid geraakt dankzij de mortgage-backed securities. Een globale financiële crisis was geboren.

Schuldgevoel

Dat Osinski met een schuldgevoel worstelt, mag blijken uit de dramatische titel die hij koos voor een pagina's lang artikel dat hij enkele maanden geleden in het magazine New York publiceerde. 'Hoe ik de bom hielp bouwen die Wall Street opblies', luidt de kop. Osinski besliste zijn verhaal te vertellen nadat hij enkele keren een negatieve reactie had gekregen toen mensen hem vroegen wat hij vroeger deed. 'Jij bent de duivel', reageerde iemand waarmee hij aan de praat was geraakt in een koffiezaak.

Sinds zijn bekentenis ontving Osinski interviewaanvragen uit heel de wereld. Onlangs nam een Europese cameraploeg hem mee naar Cleveland, een Amerikaanse stad die zwaar getroffen is door Osinski's bom. Veel huizen staan er vandaag verlaten bij. 'Cleveland is een mislukking', zegt Osinski.

Zijn opgemerkte artikel bevatte een voorzichtige spijtbetuiging. Maar het is vooral een frontale aanval tegen de 'zelfingenomenheid, hebzucht en blinde domheid die banken in het Amerika post-2001 typeerden', waarbij die banken uiteindelijk Osinski's geesteskind misbruikten in de drang naar steeds hogere winsten. Het Wall Street waar Osinski in 1985 als 30-jarige aan de slag ging, was echter minstens even cynisch en verwaand, blijkt uit zijn verhaal.

Osinski verzeilde toevallig in zijn uiteindelijke rol van financiële bommenontwerper. 'Ik had nooit de ambitie op Wall Street te werken. Ik ben gewoon naar New York gekomen en hoopte er een baan te vinden', vertelt Osinski over zijn eerste stappen in Wall Street. Hij had voordien zes jaar gewerkt als ontwerper van software. Ook daar was hij toevallig ingerold. Toen bij zijn verloofde een zeldzame nierziekte werd vastgesteld en het jonge koppel geen ziekteverzekering had, aanvaardde hij een baan aan de Emory-universiteit. Hij moest er gegevens invoeren in een computer. Niet echt boeiend, maar zijn verloofde kreeg tenminste verzorging.

In 1985 maakte hij de overstap naar Salomon Brothers. Het gereputeerde beurshuis was twee jaar voordien beginnen experimenteren met mortgage-backed securities. Osinski herinnert zich nog goed wat zijn baas antwoordde toen hij als nieuwkomer vroeg hoe die effecten werken. 'Je stopt kip in de vleesmolen en er komt biefstuk uit', lachte zijn baas. Het bleken profetische woorden te zijn. Vele jaren later kregen de obligaties met herverpakte rommelhypotheken de hoogste rating van de kredietratingbureaus. Veel institutionele beleggers baseerden zich daarop om hun portefeuilles vol te stoppen met wat achteraf toxische effecten bleken.

In 1988 ging Osinski aan de slag bij de zakenbank Lehman Brothers, en daarna bij Kidder, Peabody & Co, dat later door Paine Webber werd overgenomen. Voor al die beurshuizen verfijnde hij de software voor het herverpakken van hypotheken en andere kredietsoorten.

'De traders vertelden ons wat ze wensten, en wij schreven de software waarmee ze gemakkelijk nieuwe obligaties konden maken met de gewenste risico's en rendementen', legt Osinski uit. 'Alles moest sneller en flexibeler. Daarbij moest ik ook de complexiteit van die obligaties verbergen. Het gevolg was dat gebruikers van de software steeds minder begrepen waar ze precies mee bezig waren. Ik denk dat traders nu opnieuw meer aandacht hebben voor de details.'

Uiteindelijk kwam Osinski in 1995 terecht bij een softwarebedrijf in Boston dat zijn programma had gekocht nadat Kidder, Peabody & Co in een schandaal ten onder was gegaan. Osinski spendeerde de volgende vijf jaar aan het perfectioneren van zijn programma, en het duurde niet lang vooraleer alle grote Wall Street-huizen zijn software gebruikten voor het herverpakken van leningen.

Het was daar dat Osinski naar eigen zeggen voor het eerst met subprimes in aanraking kwam. Aanvankelijk was hij enthousiast over de uitdaging om subprimes in zijn programma te verwerken. Maar de schok volgde snel. 'Ik kon mijn ogen niet geloven toen ik het onderliggende rendement zag van een structuur met autoleningen. Mijn bankklant verdiende een marge van maar liefst 2 procentpunt of 200 basispunten op de deal. Normaal verdient een bank slechts enkele basispunten op een structuur met kwaliteitsleningen.'

'Maar dit waren autoleningen voor mensen met kredietproblemen, en ze betaalden tot 16 procent rente', vervolgt Osinski. 'Ik vroeg mijn klant hoe die mensen ooit zo'n dure lening konden terugbetalen als ze vroeger al niet in staat bleken een normale lening terug te betalen. Hij zei me dat dat niet uitmaakte. Als ze enkele jaren betalen, verdient de bank een pak geld op die enorme marge. Daarna kunnen die kredietnemers herfinancieren tegen een lagere rente.'

Ook de subprimehypotheken zorgden voor verbijstering bij Osinski, zij het pas veel later. 'Ik heb 12 jaar aan die software geschreven. Ik was heel trots op mijn werk. Mijn programma is aan banken over heel de wereld verkocht. Gedurende een lange periode na de aanslagen van 11 september 2001 ondersteunde de huizenmarkt ook de Amerikaanse economie. Maar dan kregen we al die subprimes voor mensen die niet eens een job hadden en daar zelfs niet naar gevraagd werden. Dat was choquerend. Het werd een grote loterij. De lotto is er trouwens eveneens op gericht om armere mensen geld afhandig te maken.'

Daarnaast verwijt Osinski de bankiers dat ze zich baseerden op veel te rooskleurige voorspellingen over het aantal hypotheekleningen die in gebreke zouden blijven. 'Ze keken naar het patroon uit het verleden, en daarop baseerden ze de assumpties die ze aan mij gaven voor het modelleren van mijn programma. Ze dachten dat de huizenprijzen eeuwig zouden blijven stijgen, zodat kredietnemers makkelijk zouden kunnen herfinancieren. Maar het was duidelijk dat er veel speculatie in de markt was.'

Verantwoordelijk

De omvang van de crisis verraste uiteindelijk ook Osinski. 'Ik had nooit gedacht dat de crisis zich over heel de wereld zou laten voelen. Ik verwachtte evenmin dat de hele Amerikaanse huizen- markt naar beneden zou gaan. Normaal heb je geografische diversificatie in de huizenmarkt op basis van de verschillende economieën in heel de VS.'

Osinski voelt zich enigszins verantwoordelijk voor hetgeen gebeurd is. Het besef dat veel vrienden en familieleden geld verloren hebben in de crisis, maakt hem nederig. 'Maar ik voel eerder ontzetting dan schuldgevoel. Ik was ervan overtuigd dat ik een waardevol product maakte voor de industrie. De software bleek echter meer gesofisticeerd dan de mensen die hem gebruikte. Zolang mensen hun hypotheken terugbetalen, werkt het prima. Als je er echter rommel instopt, komt er rommel uit. Ik blijf er dan ook van overtuigd dat mortgage-backed securities een nut hebben. Het helpt banken efficiënter krediet te verstrekken en risico's te creëren op maat van investeerders.'

Michael Osinski troont me mee naar de kelder van zijn 170 jaar oude huis. 'Ik heb hier nog een kopie staan van de 'bom' die ik ontwierp: een oude computer met daarop de half miljoen lijnen code die banken in heel de wereld als dominostenen lieten omvallen.'

Osinski heeft Wall Street nu al acht jaar de rug toegekeerd. Toen het softwarebedrijf uit Boston hem in 2001 bedankte voor bewezen diensten, moest hij zich houden aan een niet-concurrentiebeding gedurende vijf jaar. Dat betekende meteen het einde van zijn IT-carrière.

Gelukkig ontdekte hij kort daarop dat bij zijn huis in Greenport ook een deel van de aanliggende baai behoorde. 'Omdat ik met pensioen was en niets te doen had, besliste ik oesters te gaan kweken. Ik had ergens gelezen dat Greenport ooit de oesterhoofdstad van de staat New York was. Honderd jaar geleden aten mensen aan de Oostkust meer oesters dan vlees. Oesters golden toen als armenvoeding. Het geeft mij in ieder geval enorm veel voldoening om iets te doen groeien.'

Toch kan Osinski zijn verleden niet helemaal van zich los schudden. Sinds kort is hij voorzichtig beginnen beleggen in mortgage-backed securities. Omdat de meeste beleggers deze effecten blijven mijden als de pest, zijn er volgens Osinski koopjes te doen. En onlangs belde de advocaat van een gewezen computerprogrammeur van Goldman Sachs met de vraag of Osinski wil getuigen in een proces. De programmeur wordt ervan verdacht vertrouwelijke tradingprogramma's van Goldman Sachs gestolen te hebben. Osinski weet nog niet of hij zal getuigen. Maar hij heeft alvast weinig sympathie voor Goldman Sachs. 'De recordwinsten die Goldman Sachs opnieuw boekt, vind ik veel erger dan het kopiëren van softwarecode, wat op zich weinig nut heeft', zegt Osinski. De oesterkweker heeft duidelijk nog een rekening openstaan met Wall Street.

kris van hamme, onze correspondent New York
06:01 - 19/09/2009 Copyright © De Tijd