Opdat een polis waar bij overlijden van de verzekerde slechts de “reserve” uitgekeerd wordt, een levensverzekering zou zijn, is het nodig dat het voorwerp van deze overeenkomst aan onderstaande voorwaarden voldoet:
-
Een dergelijke polis wordt afgesloten voor een bepaalde duur (met vervaldag).
-
Een dergelijk contract bestaat uit twee afzonderlijke verzekeringen in dezelfde polis: een verzekering bij leven en een tegenverzekering bij overlijden. Deze twee verzekeringen staan elk op zich.
-
De verzekering bij leven verzekert de uitkering van het – op voorhand overeengekomen – uitgesteld kapitaal op voorwaarde dat de verzekerde op de vervaldag in leven is. De premies voor deze verzekering worden berekend aan de hand van de sterftetabellen bij leven (MR en FR, naargelang de verzekerde van het mannelijk of het vrouwelijk geslacht is).
-
De tegenverzekering betaalt bij overlijden de premies voor de verzekering uitgesteld kapitaal terug op voorwaarde dat de verzekerde vóór de vervaldag overlijdt. De premies voor deze tegenverzekering worden berekend aan de hand van de sterftetabellen bij overlijden (MK en FK, naargelang de verzekerde van het mannelijk of het vrouwelijk geslacht is).
-
Elk van die verzekeringen kan het voorwerp zijn van een begunstiging. De verzekeringnemer kan het voordeel van elk van beide verzekeringen overmaken aan verschillende begunstigden, zoals hij evengoed het voordeel van beide verzekeringen voor zichzelf kan behouden, of voor zijn nalatenschap.
-
In dergelijk contract geeft slechts één van de twee verzekeringen aanleiding tot een verzekeringsprestatie. Ofwel is de verzekerde nog in leven op de vervaldag en wordt hem of aan de begunstigde het uitgesteld kapitaal uitgekeerd (de verzekering bij overlijden heeft dan geen uitwerking); ofwel overlijdt de verzekerde vóór de vervaldag van het contract en wordt aan de nalatenschap of aan de begunstigde de overlijdensdekking uitgekeerd, i.c. de premies voor de verzekering uitgesteld kapitaal (de verzekering bij leven heeft dan geen uitwerking).
Vermits dergelijke polis bestaat uit een verzekering bij leven met uitgesteld kapitaal en een tijdelijke overlijdensverzekering, ligt het toeval van elk van de twee verzekeringen in de concrete levensduur van de verzekerde, die afwijkt van de statistisch gemiddelde levensverwachting waarop de sterftetafels gebaseerd zijn. De sterftetafels bij leven (MR/FR) verschillen van de sterftetafels bij overlijden (MK/FK) (de kans dat de verzekerde vóór de vervaldag overlijdt, verschilt van de kans dat de verzekerde op de vervaldag nog in leven is).
In het geval dat de verzekerde op de vervaldag in leven is, keert de verzekeraar aan de verzekeringnemer het uitgesteld kapitaal uit, maar niet het overlijdenskapitaal, zodat in dit geval de verzekering uitgesteld kapitaal voordelig is voor de verzekeringnemer en nadelig voor de verzekeraar, terwijl de premies voor de overlijdensdekking definitief door de verzekeraar verworven zijn.
In het geval dat de verzekerde vóór de vervaldag overlijdt, keert de verzekeraar aan de begunstigde het overlijdenskapitaal uit, maar niet het uitgesteld kapitaal, zodat in dit geval de overlijdensdekking voordelig is voor de begunstigde en nadelig voor de verzekeraar, terwijl de premies voor het uitgesteld kapitaal definitief door de verzekeraar verworven zijn.
In de betwiste polissen (het Fortis Easy Fund Plan en het KBC-Life Invest Plan) zijn de contracten van onbepaalde duur. Er is hier dus geen sprake van een verzekering uitgesteld kapitaal (en evenmin van een “reserve”). In de betwiste polissen is ook geen overlijdensdekking voorzien. Bijgevolg hebben deze polissen geen verzekeringsverrichting als voorwerp (er is dus evenmin sprake van een kans op winst of van een risico op verlies).