User login

Informatiebrochure van het Parket van Brussel over de benadeelde persoon

   
 Schema van de strafrechtpleging in eerste aanleg  Terminologische verduidelijkingen
  Bemiddeling in strafzaken: wijze van afhandeling van een dossier, mits naleving van bepaalde door het parket opgelegde voorwaarden (schadeloosstelling, dienstverlening, therapie,...) de feiten niet voor de correctionele rechtbank zullen worden vervolgd.
Beschikking tot buitenvervolgingstelling: zie raadkamer
Beslissing tot seponering; zie vraag 2 bij de rubriek "Practische inlichtingen"
Burgerlijke partij: iemand die een strafproces instelt of eraan deelneemt om vergoedingvan de schade te eisen die hij/izj naar eigen zeggen heeft geleden als gevolg van een misdrijf.
Burgerlijke partijstelling: procedurehandeling waarbij de persoon die beweert schade te hebben geleden als gevolg van een misdrijf, formeel voor een onderzoeksrechter of aan de rechtbank vraagt om schadeloos gesteld te worden.
Burgerlijke rechtbank: rechtbank die, in tegenstelling tot een strafrechtbank, belast is met het beoordelen van zaken waarbij enkel privé-belangen in het geding zijn.
Dagvaarding: oproeping door een deurwaarder om voor een rechtbank te verschijnen.
Misdrijf: elk door de wet strafbaar gesteld feit.
Gerechtelijk onderzoek: onderzoek dat door een onderzoeksrechter wordt gevoerd om na te gaan of er misdrijven werden gepleegd en door wie. In tegenstelling tot het opsporingsonderzoek wordt een
gerechtelijk onderzoek in principe afgesloten door een beslissing van de raadkamer.
Notitienummer: de referentie van het dossier bij het parket. In het gerechtelijk arrondissement Brussel begint dit steeds met de letters BR., gevolgd door een aantal cijfers en letters, en na de schuine streep eindigend met het jaartal waarin het dossier werd aangemaakt.
Opsporingsonderzoek: het onderzoek dat gevoerd wordt door de procureur des Konings met de bedoeling dader(s) van misdrijven op te sporen en bewijzen te verzamelen. In tegenstelling tot eengerechtelijk onderzoek, wordt een opsporingsonderzoek steeds afgesloten door een beslissing van de procureur des Konigs zelf.
Raadkamer: de rechtbank die na het gerechtelijk onderzoek beslist over het verdere verloop van de zaak. De raadkamer kan, onder meer, de verdachte naar de strafrechtbank verwijzen (beschikking tot verwijzing). of hem buiten vervolging stellen (beschikking tot buitenvervolgingstelling). De raadkamer beslist eveneens over de voorlopige hechtenis van de verdachte (het voorarrest). Tegen de beslissingen van de raadkamer kan beroep worden aangetekend bij de kamer van inbeschuldigingstelling.
Strafrechtbank: rechtbank, in eerste aanleg "correctionele rechtbank" genoemd, die belast is met de beoordeling van misdrijven, alsook de daaruit voortvloeiende burgerlijke belangen.
Vervolging: term die meestal wordt gebruikt wanneer de procureur des Konings beslist om personen die ervan verdacht worden een misdrijf te hebben gepleegd voor de strafrechter te brengen.
Voorstel tot verval van de strafvordering mits betaling van een geldboete (VSBG): ook wel "minnelijke schikking" genoemd. Aan de dader van een misdrijf wordt een geldboete opgelegd. Indien hij/zij deze betaalt, wordt hij/zij niet vervolgd door de strafrechtbank.
 Bron: Portalis - uit de informatiebrochure van het Parket van Brussel.